Waar kunnen we je mee helpen?

Ben je naar iets specifieks op zoek? Vul hieronder je zoekterm in en we helpen je graag verder.

Aanbevolen

Quote
Wonen leestijd 1 min

Korter verblijf, zwaardere zorg: trek geen verkeerde conclusies over verpleeghuiscapaciteit

Link gekopieerd naar klembord

Korter verblijf, zwaardere zorg: trek geen verkeerde conclusies over verpleeghuiscapaciteit keyvisual

Ellen Maat, voorzitter ActiZ kerngroep Wonen en Zorg

De recente analyse in ESB, waarover ook Skipr berichtte, suggereert dat door een kortere verblijfsduur minder verpleeghuiscapaciteit nodig is dan eerder werd geraamd. Maar die conclusie vraagt volgens Ellen Maat, voorzitter van de ActiZ kerngroep Wonen en Zorg wel om nuance, juist met het oog op beleidskeuzes voor de lange termijn. Anders liggen verkeerde keuzes op de loer voor de meest kwetsbare ouderen in Nederland.

Het is essentieel om voorbij de cijfers te kijken en de onderliggende ontwikkelingen goed te begrijpen. Allereerst is het van belang de context van de onderzochte periode mee te wegen. De ESB-analyse omvat de jaren van de COVID-19-pandemie. Deze periode had echter grote impact had op (over)sterfte en instroom in verpleeghuizen. Dat maakt het lastig om structurele trends in verblijfsduur eenduidig vast te stellen aan de hand van deze gegevens.

Veranderende vraag, veranderende zorg

Daarnaast speelt beleid zelf een belangrijke rol in de waargenomen ontwikkeling. Door de beleidskeuze van VWS rond het beperken van de toegang van ouderen met een zorgzwaartepakket 4, is de instroom in verpleeghuizen verschoven naar alleen nog maar mensen met een zwaardere en complexere zorgvraag. Het onderzoek van ESB lijkt echter geen volledig beeld te geven: de ontwikkeling in de hogere zorgzwaartepakketten is onvoldoende meegenomen. Juist daar zien we dat mensen later worden opgenomen en gemiddeld niet korter, maar vaak intensiever en langduriger zorg nodig hebben.

Daarmee verandert de aard van de verpleeghuiszorg fundamenteel: de zorgvraag neemt niet af, maar wordt zwaarder en complexer. Dit sluit aan bij bredere ontwikkelingen waarin ouderen langer thuis wonen en pas in een latere fase instromen in het verpleeghuis. Een breed en divers aanbod van woonvormen voor deze doelgroep ouderen, liefst geclusterd en geschikt voor zorg is daarom met het oog op de vergrijzing zeker ook van belang. Maar daarnaast is het minstens zo belangrijk rekening te houden met een onverminderd grote behoefte aan complexe verpleeghuiszorg. De gemiddelde verblijfsduur ligt nog steeds boven de twee jaar  en dus niet - veelgenoemd maar onjuist – rond 9 maanden. De zorgvraag in het verpleeghuis wordt daarbij intensiever. Het verpleeghuis blijft daarmee een onmisbare schakel in het zorglandschap voor mensen met de zwaarste zorgvraag.

Ouderenzorg in de volle breedte

Daarom roept ActiZ het kabinet op om geen verkeerde conclusies te trekken op enkel de gemiddelde verblijfsduur over de benodigde capaciteit op basis van cijfers uit de covid-periode. Het blijft belangrijk te investeren in de volle breedte van de ouderenzorg: in voldoende en goed toegerust personeel, in passende woonzorgvormen voor ouderen én in intensieve verpleeghuiszorg voor de meest kwetsbaren. Alleen zo kunnen we waarborgen dat ouderen ook in de toekomst de zorg krijgen die zij nodig hebben, op de juiste plek en op het juiste moment.

ActiZ kijkt dan ook met belangstelling uit naar het onderzoek van het RIVM, dat naar verwachting meer inzicht zal geven in deze verschuivingen in zorgvraag en zorggebruik.

Lees hier het verhaal van ActiZ